1. Teken op het gekleurd blad een vierkant (vier gelijke zijden, vier rechte hoeken) met zijde 10 cm!
2. Leg een uitgeknipt vierkantje op je gekleurd vierkant. Welk vierkant heeft de grootste oppervlakte?
2. Meet de zijde van 1 van je uitgeknipte vierkantjes. 1 zijde = ... cm
3. Leg een rij kleine vierkantjes op je gekleurd vierkant langs de rand. Hoeveel kan je er leggen?
4. Hoeveel vierkantjes kan je in totaal op je gekleurd vierkant leggen?
5. De oppervlakte van alle uitgeknipte vierkantjes samen is even groot als de oppervlakte van je gekleurd vierkant.
6. Maak met 20 uitgeknipte vierkantjes een rechthoek die geen vierkant is. Maak met nog eens 20 andere vierkantjes een andere figuur (een kruis, een bloem, een ..., een dinosaurus voor wie wil ;-) ). Je mag knippen en kleven, maar de figuur moet dezelfde oppervlakte hebben als je rechthoek.
7. Bekijk de filmpjes op deze pagina.
8. Bereken nu de oppervlakte van jouw gekleurd vierkant. 1 cm² x .... x ... = ... cm²
9. Bereken de oppervlakte van je rechthoek op dezelfde manier.
10. Wat is de oppervlakte van jouw andere figuur? Je moet hier niet voor rekenen!